Vastentijd25 januari 2014


Tijd om tijd vrij te maken
Er is een tijd om te zoeken en een tijd om te verliezen, een tijd om te bewaren en een tijd om weg te gooien.
Prediker 3,6

Tijd om los te komen van wat je beklemt
Als een graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft het één graankorrel, maar wanneer hij sterft draagt hij veel vrucht.
Johannes 12, 24

Tijd om wat bewuster en ecologischer te leven
Hoe lang nog zal de aarde treuren, zullen gras en bloemen verdorren? Het vee en de vogels komen om door de wandaden van haar bewoners.
Jeremia 12,4

Tijd om (broederlijk) te delen
Is dit niet het vasten dat ik verkies: (…) je brood delen met de hongerige, onderdak bieden aan armen zonder huis, iemand kleden die naakt rondloopt, je bekommeren om je medemensen?
Jesaja 58,6-7

Tijd voor verzoening met je gezin, familie en vrienden
Wanneer je dus je offergave naar het altaar brengt en je je daar herinnert dat je broeder of zuster je iets verwijt, laat je gave dan bij het altaar achter; ga je eerst met die ander verzoenen en kom daarna je offer brengen.
Matteüs 5,23-24

Tijd om te bidden
Niet je kleren moet je scheuren, maar je hart.
Joël 2,12-13

Tijd om je voor te bereiden op Pasen
Veertig dagen bleef Jezus in de woestijn (…) Hij leefde er te midden van de wilde dieren, en engelen zorgden voor hem.
Marcus 1, 13

www.pastoralezorg.be